Signalen herkennen

Heb je het vermoeden dat je kind, vriendin of broer of zus last heeft van een eetstoornis? Dan wil je de signalen natuurlijk zo vroeg mogelijk herkennen om diegene te helpen. Het kan zijn dat iemand zich hier niet bewust van is of zich schaamt. Vaak vragen mensen met een eetstoornis heel laat om hulp. Soms zelfs nooit. Hoe eerder iemand hulp krijgt, hoe groter de kans op herstel.

Trigger alert

Ben jij gevoelig voor of heb je een eetstoornis? Dan kan onderstaande content triggerend werken.

Waarom is het zo moeilijk om de signalen te herkennen?

Een deel van de jongeren met een eetstoornis heeft dat vaak in het begin zelf niet door. Ze zijn gewoon aan de lijn of zien geen kwaad in het selectief eten. Iemand kan de eetstoornis lang verborgen houden, omdat hij of zij bang is voor de gevolgen. Ze schamen zich, zijn vaak in de war door alles wat er in hun hoofd gebeurt en zijn bang dat ze mensen in hun omgeving teleurstellen of kwetsen. Ook is er de angst om het te vertellen, want dan moet je ermee aan de slag. Een eetstoornis biedt bovendien vaak houvast. Haal je die weg dan levert dat spanning op.

Een eetstoornis ontstaat niet zomaar. Vaak heeft iemand daarvoor gevoelens van angst en onzekerheid gehad. Soms vertelt iemand er open over. Als je goed oplet kunnen er ook leugens worden opgemerkt. Zeggen dat je mee eet bij een vriendin, maar die avond helemaal niet eet. Of in het geheim een eetbui hebben. Zodra ouders zich meer zorgen maken over eetgedrag en er ruzies ontstaan, kan het kind steeds feller reageren op wat er wel en niet gegeten kan worden. Uit angst zet het kind alles op alles zodat de omgeving zich geen zorgen gaat maken. Maar weet wel: niet de waarheid vertellen hoort bij de eetstoornis. Niet bij de persoon zelf.

Signalen per eetstoornis

Als je een eetstoornis wilt herkennen, kun je letten op het eetgedrag. Obsessief bezig zijn met eten, lijnen en calorieën tellen, maar ook een heleboel andere gedragingen horen daarbij. Hieronder zie je hoe je een aantal eetstoornissen kunt herkennen aan iemands eetgedrag. Daarna lees je waar je nog meer op kunt letten.
  • Eet normaal met andere mensen erbij.
  • Ervaart controleverlies over de hoeveelheid van het eten, wat zorgt voor eetbuien.
  • Heeft in het geheim eetbuien. Zo’n eetbui bestaat vaak uit vet en zoet eten en kan meer zijn dan andere mensen op een hele dag eten.
  • Kan meerdere eetbuien op een dag hebben.
  • Compenseert na een eetbui door over te geven, veel te bewegen of (laxeer)pillen te slikken.
  • Denkt continue na over eten.
  • Kan ook een vertekend lichaamsbeeld hebben.
  • Heeft last van eetbuien. Een eetbui bestaat vaak uit vet en zoet eten en kan meer zijn dan andere mensen op een hele dag eten.
  • Eet sneller dan normaal.
  • Eet tot hij of zij een onprettig gevoel heeft.
  • Eet veel, ondanks dat diegene vol zit of geen honger heeft.
  • Eet vaak de hele dag door.
  • Denkt continue na over eten. Iemand met een eetbuistoornis is continue aan het zoeken naar eten. Dit kan ook betekenen dat iemand eten steelt of ‘s nachts naar de winkel gaat. Het kan zelfs zo zijn dat diegene bijvoorbeeld bevroren brood eet omdat hij of zij niet kan wachten tot het ontdooit is.
  • Eet vaak alleen uit schaamte over de hoeveelheid.
  • Wijst en keurt zichzelf af en/of voelt zich depressief of schuldig.
  • Heeft het gevoel dat bepaald voedsel onveilig is.
  • Kan de eetregel hebben dat je wel of geen voedsel eet met een bepaalde textuur of structuur, geur, kleur of smaak. Soms mag voedsel met verschillende structuur absoluut niet tegen elkaar aanliggen op het bord. Een kipburger mag bijvoorbeeld niet vochtig worden door een saus. Of iemand wil alleen maar eten dat door de blender is gegaan, omdat diegene bang is om te stikken in grote brokken.
  • Kan ook andere eetregels hebben.
  • Heeft geen afwijkend lichaamsbeeld.

In de animatiefilm 'Herkennen van signalen van ARFID' zie je wat ARFID is hoe je het (bij je kind) kunt herkennen. Deze film is bedoeld te ondersteunen bij het herkennen van signalen van ARFID bij kinderen, zodat ze tijdig hulp gezocht kan worden voor eventueel verder onderzoek en diagnose. In de film wordt onderscheid gemaakt tussen een periode van 'slecht eten' van hun kind (weliswaar lastig) en het mogelijk hebben van een eetstoornis.

  • Is aan de lijn, telt calorieën, liegt over eten, kan stiekem eten weggooien of verstoppen.
  • Volgt eetregels, zoals in een ander tempo eten, kauwt tig keer, vegetariër/veganist worden, drinkt te veel of juist te weinig water. Het kan ook dat iemand een hele lijst heeft met producten die niet gegeten mogen worden.
  • Heeft rituelen. Denk hierbij aan het schuiven met eten, het eten in stukjes breken of verdelen.
  • Wil niet meer in het bijzijn van anderen eten.
  • Heeft overdreven veel interesse in voeding, koken en afvallen. Het kan zelfs zijn dat een kind zelf boodschappen doet en kookt om te kunnen bepalen wat gegeten wordt.
  • Is eten aan het compenseren, door bijvoorbeeld over te geven of (laxeer)pillen te slikken of door dwangmatig te sporten na het eten.
  • Ervaart controleverlies bij het eten van een normale of kleine hoeveelheid eten.
  • Staat tig keer per dag op de weegschaal en stelt eisen aan het gewicht.
  • Heeft een vertekend lichaamsbeeld.

In de video 'Signalen van een eetstoornis herkennen en bespreekbaar maken' wordt door ouders en jongeren uitgelegd op welke signalen je kunt letten als het eten niet goed gaat en hoe je het gesprek over de eetstoornis kunt aangaan.

Eetstoornissen komen vaak voor bij mensen die veel met sport bezig zijn, het is dan extra lastig om het te herkennen. Sporters hebben vaak een ander voedingspatroon. In de sportwereld ligt de focus op voeding, prestaties en gewicht. Maar ook voor mensen die niet op topniveau sporten kan sport een grote rol spelen bij het krijgen of blijven bestaan van een eetstoornis.

Bij mensen met een eetstoornis komt het vaak voor dat ze te veel bewegen en/of heel actief zijn. Let op: iemand met een gezond gewicht kan een ernstige eetstoornis hebben. Doordat sporters vaak gespierder zijn, is hun gewicht vaak hoger. De BMI (Body Mass Index) geeft niet goed aan hoe ernstig hun lichamelijke problemen zijn. Ook kan bij mensen die heel veel en zwaar sporten het RED-S-syndroom ontstaan. Dit staat voor Relative Energy Deficiency in Sport. Dit gebeurt wanneer een sporter te weinig eet voor de hoeveelheid energie die hij of zij verbruikt door trainen en dagelijkse activiteiten. Door dit energietekort kunnen verschillende lichaamsfuncties minder goed werken. Het gaat niet alleen om de menstruatie of om sterke botten (zoals vroeger bij de ‘Female Athlete Triad’), maar om het hele lichaam, bij zowel vrouwen als mannen.

Een eetstoornis kan een oorzaak zijn van RED-S, maar je kunt RED-S ook krijgen zonder een eetstoornis. Meer informatie over dit probleem staat op sportzorg.nl en op de website van Voedingsinfo NICE. Er zijn verschillende signalen waaraan je RED-S kunt herkennen.

Lichamelijk:

  • Gewichtsverlies
  • Afbuigende groeicurve
  • Zwakkere botten → meer kans op botbreuken
  • Problemen met hormonen → zoals minder of geen menstruatie bij vrouwen en weinig testosteron bij mannen
  • Minder (spier)kracht en sneller moe bij het sporten
  • Langzamer herstel en meer kans op blessures

Psychologisch / cognitief:

  • Vermoeidheid, moeite met concentreren
  • Snel boos of geïrriteerd, somberheid
  • Mensen en sociale activiteiten uit de weg gaan
  • Prestatie:
  • Minder hoge sportprestaties, ondanks hard trainen
  • Minder snel herstel na inspanning

Meer informatie over de algemene lichamelijke gevolgen van een eetstoornis vind je hier.

Bij topsporters en mensen die veel sporten, kan er een ongezonde manier van eten en bewegen ontstaan. Bij hen kan een eetstoornis net iets anders zichtbaar zijn dan bij mensen die niet zo veel sporten.

Voor deze klachten gebruiken sportonderzoekers soms de term anorexia athletica. Maar deze term staat niet officieel in de DSM-5-TR. (Dit is een boek waarin deskundigen beschrijven hoe je psychische stoornissen herkent.) Daarom zijn er ook geen duidelijke en erkende kenmerken voor.

Behalve de gewone signalen van RED-S kunnen bij anorexia athletica ook deze tekenen voorkomen:

  • Heel veel met trainen bezig zijn en het gevoel hebben dat je moé sporten, ook als je een blessure hebt of heel moe bent.
  • Meer sporten dan in het trainingsschema staat, en soms ook doorgaan terwijl een arts of fysiotherapeut zegt dat je moet stoppen.
  • Iemand vindt zichzelf alleen waardevol als de sportprestaties goed zijn.
  • Zich gelukkig of tevreden voelen, ontstaat alleen na lange en zware trainingssessies.

Een laag lichaamsgewicht wordt gezien als manier om beter te worden in sport. Iemand kan een verkeerd of negatief beeld van zijn lichaam hebben, maar dat is niet altijd zo.

Tijdens de behandeling is het belangrijk om weer een gezonde manier van eten en bewegen te leren. Ook is het nodig om te begrijpen wat de oorzaken zijn en deze aan te pakken. Daarnaast moet iemand leren omgaan met de vele dingen in de sportomgeving die kunnen aanzetten tot te veel trainen en te weinig energie binnenkrijgen.

Veel mensen denken bij een eetstoornis aan mensen die dunner willen worden en bezig zijn met afvallen. Maar er is ook een groep mannen en vrouwen die juist meer spieren wil krijgen en een heel laag vetpercentage wil hebben.

In sportscholen, fitnesscentra, crossfitboxen en bij sporten zoals bodybuilding en bikinifitness zien we steeds vaker mensen die op een ongezonde manier bezig zijn met gespierder worden. Sociale media kunnen dit sterker maken. Daar zie je veel foto’s en video’s van heel gespierde lichamen en grote veranderingen. Ook leeftijdsgenoten, influencers en sporters laten vaak zulke beelden zien. Dit kan druk geven om er net zo uit te willen zien.

Naast de algemene signalen van RED-S zijn er ook signalen die passen bij Bigorexia. Dit kunnen onder andere de volgende zijn:

  • Heel veel bezig zijn met krachttraining en spiergroei. Iemand blijft trainen, ook als er blessures zijn of als een (para)medisch adviseur zegt dat het beter is om te stoppen.
  • Ontevreden zijn over het eigen lichaam. Iemand vindt de eigen spieren nooit groot genoeg, ook al is die persoon duidelijk gespierd.
  • Strenge en vaak eenzijdige voedingsschema’s volgen, vooral gericht op zo veel mogelijk spieropbouw.
  • Veel supplementen gebruiken, of de behoefte hebben om deze te gebruiken om sneller meer spieren te krijgen.
  • Bang zijn om spiermassa te verliezen wanneer iemand minder traint.

Bigorexia wordt ook wel reversed anorexia of het Adoniscomplex genoemd. In de DSM-5-RV heet deze aandoening spierdysmorfie. Dit valt onder de stoornis body of muscle dysmorphic disorder.

Orthorexia is geen officiële diagnose binnen de DSM-5-TR. De term wordt wel vaak gebruikt bij eetstoornissen. Dit komt doordat een sterke focus op gezond eten kan leiden tot grote lichamelijke en mentale problemen. Het kan ook zorgen voor relatieproblemen, sociaal isolement en problemen in het dagelijks leven.

Bij orthorexia richt iemand zich volledig op gezond eten en vaak ook op een gezonde leefstijl. Doordat er veel aandacht is voor gezonde voeding in onze samenleving, lijkt orthorexia vaker voor te komen. Meestal begint dit met goede bedoelingen, maar de aandacht voor gezond eten kan doorslaan en ongezond worden.

Naast de algemene signalen van RED-S kunnen deze signalen voorkomen bij orthorexia:

  • Heel sterk gericht zijn op gezond eten, en alleen de ‘gezondste’ producten willen eten.
  • Steeds meer voedingsmiddelen vermijden die als ongezond worden gezien.
  • Strenge regels of vaste gewoontes hebben rondom maaltijden en keuzes in voeding.
  • Schuldgevoel, angst of zorgen ervaren wanneer iemand afwijkt van het eigen strikte dieet.
  • Het gevoel dat controle en zelfvertrouwen afhangen van het eetpatroon.
  • Veel en soms dwangmatig bewegen of intensief sporten.

Signalen van sporters met een eetstoornis

Eetstoornissen komen vaak voor bij mensen die veel met sport bezig zijn, het is dan extra lastig om het te herkennen. Sporters hebben vaak een ander voedingspatroon. In de sportwereld ligt de focus op voeding, prestaties en gewicht. Maar ook voor mensen die niet op topniveau sporten kan sport een grote rol spelen bij het krijgen of blijven bestaan van een eetstoornis.

Bij mensen met een eetstoornis komt het vaak voor dat ze te veel bewegen en/of heel actief zijn. Let op: iemand met een gezond gewicht kan een ernstige eetstoornis hebben. Doordat sporters vaak gespierder zijn, is hun gewicht vaak hoger. De BMI (Body Mass Index) geeft niet goed aan hoe ernstig hun lichamelijke problemen zijn.

Ook kan bij mensen die heel veel en zwaar sporten het RED-S-syndroom ontstaan. Dit staat voor Relative Energy Deficiency in Sport. Dit gebeurt wanneer een sporter te weinig eet voor de hoeveelheid energie die hij of zij verbruikt door trainen en dagelijkse activiteiten. Door dit energietekort kunnen verschillende lichaamsfuncties minder goed werken. Het gaat niet alleen om de menstruatie of om sterke botten (zoals vroeger bij de ‘Female Athlete Triad’), maar om het hele lichaam, bij zowel vrouwen als mannen.

Een eetstoornis kan een oorzaak zijn van RED-S, maar je kunt RED-S ook krijgen zonder een eetstoornis. Meer informatie over dit probleem staat op sportzorg.nl en op de website van Voedingsinfo NICE. Er zijn verschillende signalen waaraan je RED-S kunt herkennen.

Lichamelijk:

  • Gewichtsverlies
  • Afbuigende groeicurve
  • Zwakkere botten → meer kans op botbreuken
  • Problemen met hormonen → zoals minder of geen menstruatie bij vrouwen en weinig testosteron bij mannen
  • Minder (spier)kracht en sneller moe bij het sporten
  • Langzamer herstel en meer kans op blessures

Psychologisch / cognitief:

  • Vermoeidheid, moeite met concentreren
  • Snel boos of geïrriteerd, somberheid
  • Mensen en sociale activiteiten uit de weg gaan
  • Prestatie:
  • Minder hoge sportprestaties, ondanks hard trainen
  • Minder snel herstel na inspanning

Meer informatie over de algemene lichamelijke gevolgen van een eetstoornis vind je hier.

Topsporter rent op atletiek baan, in een illustratie van een hoofd

Meer informatie over sporters met een eetstoornis

Meer informatie voor zorgprofessionals

Andere signalen waar je op kunt letten

Let op het drinkgedrag

Soms drinkt iemand met een eetstoornis in periodes heel veel of juist heel weinig. Wanneer heel weinig gedronken wordt, kan dat de nieren beschadigen. Iemand met een eetstoornis kan denken dat door het plassen voedingsstoffen uit het lichaam gaan en daardoor het gewicht naar beneden gaat. Daarom drinken ze soms een grote hoeveelheid vocht. Dat is schadelijk voor het lichaam en kan voor levensbedreigende watervergiftiging of verstoringen in de zout-water huishouding zorgen.

Bekijk iemands gewicht

Ook met een normaal gewicht kan iemand een eetstoornis hebben. Al ver voordat het gewicht verandert heeft iemand vaak negatieven gedachten en gevoelens. Het tempo waarmee veranderingen in gewicht ontstaan kan erg wisselen. Soms is het wat lastiger op te merken, wanneer een kind in een groeifase zit bijvoorbeeld. Zeker rond de vroege pubertijd kunnen kinderen behoorlijk in gewicht verschillen. Professionals, zoals de huisarts, de GGD, kunnen met je meedenken of je kind mogelijk een afwijkende groei heeft.

Ben je een professional? Let dan op je communicatie. Door te zeggen ‘je zit boven de lijn, je bent te dik en dat is niet oké’ kun je kinderen triggeren. Het is beter om met het kind te zitten, te vragen hoe het gaat en te kijken naar het eet-en bewegingspatroon.

Let op persoonlijke kenmerken

Iemand met een eetstoornis is vaak erg perfectionistisch. Je merkt dit doordat weinig zelfvertrouwen heeft, een laag zelfbeeld, faalangst, pleasend gedrag laat zien en de controle wil hebben. Ook kan iemand impulsief zijn, introvert, hoog sensitief, somber of depressief, een piekeraar, zelfkritisch (zoals een vertekend lichaamsbeeld) en/of moeite hebben met het uiten van en omgaan met gedachten en gevoelens. Lees meer over persoonlijke kenmerken op de pagina ‘wat is een eetstoornis?’.

Kijk ook naar leeftijd

Experts zijn het erover eens dat een kind vanaf de leef tijd van 6 jaar een eetstoornis kan ontwikkelen. De meeste mensen ontwikkelen een eetstoornis tijdens de puberteit. Ook volwassenen kunnen een eetstoornis krijgen. Bij volwassenen is er een toename bij vrouwen in de menopauze. Ook mensen boven de 70 jaar kunnen een eetstoornis krijgen. Het advies bij kinderen onder de 12 jaar is om direct een kinderarts in te schakelen. Let op: bij jonge kinderen is snel handelen extra van belang, omdat ze in de groei zijn en hun gezondheidstoestand snel achteruit kan gaan en tot blijvende schade kan leiden. Meer weten? Lees meer over jonge kinderen onder de 13 jaar met en eetstoornis

Bekijk de omgeving

Een eetstoornis ontstaat door verschillende factoren. Vaak begint het met een aanleiding, een trigger, in iemands omgeving. Denk aan iemand in het gezin die ziek is, iemand in de omgeving is overleden, iemand is of wordt gepest, zijn of haar ouders scheiden of diegene maakt misbruik mee. Ook kan een hoge prestatiedruk, te veel focus op het lichaam, de voeding, het gewicht en social media bijdragen aan het ontstaan van of juist het onderhouden van een eetstoornis. Veel lijnen in een familie of een sport beoefenen waar gewicht belangrijk is kan triggerend zijn. Soms spelen er ook andere problemen een rol, zoals somberheid of depressie, suïcidegedachten, zelfbeschadiging, autisme of een dwang- of angststoornis.

Meer informatie voor omstanders

Wil je meer weten over alle signalen van een eetstoornis?

Bekijk dan de signalenkaart van Stichting Kiem.

Meer informatie voor zorgprofessionals

Bekijk de Signalenkaart voor de huisartsenpraktijk.

Lees meer over eetstoornissen bij atleten.